Gouden Mannen

Sommige mannen kunnen wrokkig en boos overkomen. Maar volgens projectleider Magdy Khalil is dat slechts de buitenkant: “Voor ons zijn het ‘Gouden Mannen’.”

Gouden mannen: prikkelen om weer mee te doen

Opeengepakt in een heel klein kamertje oefenen vier mannen hartstochtelijk op hun muziekinstrument. Oosterse muziekklanken komen door de dikke wanden slechts gedempt naar buiten. Even verderop staat de schilderklas klaar om achttiende-eeuwse Amsterdamse landschappen op doek te schilderen. Het Buurtwerkplaatsen-gebouw in Stadsdeel West is de thuisbasis van Magdy Khalil, projectleider bij Kantara-Brug.

Rode loper
Dat hij ooit dacht om in tien weken tijd mannen makkelijk te begeleiden  naar (vrijwilligers)werk, blijkt nu vier jaar later meer werk dan gedacht. “We wisten toen we in 2010 met ‘Meer Man(s)’ begonnen  nog niet hoe lastig het is om deze mannen te bereiken. Sommige mannen leven in zo een andere wereld dan wij. Ik werd er in het begin zelf ook somber van. De meesten doen al jaren niets meer. De kunst is om ze te prikkelen om weer mee te doen. Als je ze dan na een aantal bijeenkomsten ziet glimlachen en het licht in hun ogen terugkomt, dan komt de verandering op gang. Het negatieve zelfbeeld, de frustratie en de boosheid verdwijnen dan langzaam.”
De mooiste dag van zijn werkcarrière was dan ook de dag dat hij de mannen als filmsterren zag binnenkomen op de rode loper voor de première van de mini-documentaire waarin zij zelf de hoofdrol speelden. Meer dan zeventig mensen zaten in de zaal. “Na afloop”, vertelt Khalil, . “kregen ze een daverend applaus. Als echte beroemdheden bogen ze naar het publiek. Ze kregen daarna een certificaat. Voor een groot aantal van hen was dat voor de allereerste keer in hun leven. Dat geluk, die trots en die blijdschap, daar doen we het voor.”

Laag zelfbeeld
Het gaat om een hele grote groep mannen, weet Khalil. “Migrantenmannen, er zijn bijvoorbeeld mannen die al meer dan twintig jaar niet meer werken, de Nederlandse taal niet goed beheersen, moeite hebben met leren. Mannen bij wie het thuis met de opvoeding ook niet goed gaat, kinderen die dreigen te ontsporen. Terwijl ondertussen hun vrouwen zich beter ontwikkelen dan zij. Het zelfbeeld van die mannen werd steeds lager. Dat is uiteindelijk niet goed voor het welzijn van die mannen, maar ook niet voor hun gezin of de Nederlandse samenleving.”

Rolstoelen repareren
“Ik kijk in eerste instantie naar de man. Uiteraard komen tijdens het programma onderwerpen als vaderschap en huiselijk geweld aan de orde. Vader-zijn uitvoerig zelfs. En natuurlijk, deze mannen werken niet en doen thuis weinig. Maar pas als zij weten wie zij zijn en wat ze kunnen, zetten we de volgende stap.” Zoals die deelnemer die als vrijwilliger in een verzorgingstehuis is gaan werken. Khalil: “Bij een rondleiding in dat tehuis raakte hij in gesprek met de coördinator. Vertelde dat hij automonteur was geweest. Er bleek een enorm tekort te zijn aan mensen die rolstoelen konden repareren. Hij wilde dat graag doen omdat hij zo zijn kennis kon inzetten.”

Cursussen
“Als de mannen anders naar zichzelf leren kijken, komt dat vrijwilligerswerk vanzelf”, aldus Khalil, “we kijken naar hun behoeften.”
Het programma heet vanaf vorig jaar ‘Gouden Mannen’ en is zo ingedeeld dat de mannen na ‘Meer Man(s)’ zelf een inhoudelijke verdieping kunnen aanbrengen. Zoals het volgen van cursussen voor computergebruik, sociale vaardigheden of de Nederlandse taal.  Daarnaast krijgen ze de mogelijkheid cursussen te volgen, bijvoorbeeld op het gebied van vrijwilligerswerk, vaderschap of muziek. “Zo kunnen we ze beter blijven volgen”, licht Khalil toe, “anders raak je ze na de tien weken durende cursus sneller kwijt.”
Uiteindelijk is participatie wel het doel, benadrukt hij, “zodat we mensen ook los kunnen laten.” “Beleidsmakers, de maatschappij en de overheid hameren steeds vaker op het participeren van mensen. Het moet allemaal snel, maar voor onze doelgroep zijn kleine stapjes de juiste weg om uiteindelijk duurzaam te kunnen participeren”, kritiseert Khalil. “Maar als deze mannen beter in hun vel zitten, scheelt het de samenleving heel veel geld. Mijn ervaring is dat als je de mannen kleine stapjes laat zetten, je langzaam toe kunt werken naar een duurzame vorm van participatie.”

Tip:

  • Ga een relatie aan met de mannen, kijk naar hun daadwerkelijke behoeften, dan zul je zien dat de eerste stap van participatie al gezet is.

 

Informatie: Magdy Khalil, www.kantara-brug.nl
Er is een eindevaluatie beschikbaar.

 

D.R Diyar, 56 jaar. Vrijwilliger bij Zaal 100 in Amsterdam:

Bij zijn terugkomst uit de Verenigde Staten in 2011 voelde hij zich door iedereen buitengesloten. Totdat hij deelnam aan ‘Meer Man(s)’.

Lees meer